recht en moraal


Alfabet van thema´s


(onder constructie)

A

Achteraf denken
Van oudsher overlappen de begrippen politiek en ethiek elkaar grotendeels, in beide gevallen gaat het om een goede vorm van praktisch handelen. Maar in het denken over moraal heeft zich in de moderne tijd een verandering voltrokken: beschouwden we moraal aanvankelijk als een richtsnoer voor ons handelen vooraf, als een set van overtuigingen en normen die ons helpt het goede te doen, sinds de recente `terugkeer van de ethiek´ in het maatschappelijk debat draait het helaas alleen nog om oordeelsvorming achteraf. Zoals de Franse filosoof Badiou zegt, in zijn essay `L´éthique´: niet langer het streven naar het Goede staat voorop, maar het afrekenen met het Kwade.


B

Betrouwbaarheid
Politici, overheidsinstellingen en overheidsdienaren vragen zich af waarom de burgers hen niet langer vertrouwen. Het liefst van alles zouden ze de burgers dwingen tot vertrouwen. Terwijl de remedie tegen het afnemende vertrouwen natuurlijk helemaal niet ligt in het aanzetten tot vertrouwen, maar in het bieden van betrouwbaarheid.

´(...)Amsterdamse rechters die stukken buiten hun strafdossiers houden, cruciale fouten van het Openbaar Ministerie bij de strafvervolging, het negeren en zelfs bedreigen van ambtelijke klokkenluiders door vertegenwoordigers van de overheid, de bereidheid van wetenschappers om alles te bewijzen wat je maar voor geld bewezen wilt zien, de aarzeling van de pers om lastige onderwerpen aan te kaarten: het doet allemaal afbreuk aan de betrouwbaarheid van belangrijke instituties. Dat je zo niet alleen te maken krijgt met clubs en organisaties die onbetrouwbaar zijn, maar dat vervolgens ook nog eens de bescherming tegen die onbetrouwbaarheid faalt, maakt het probleem des te groter.
En het vertrouwen? Dat neemt af. Alleen niet op de infantiele manier waarop dat verschijnsel meestal wordt beschreven; het zijn namelijk niet zozeer de burgers die het vertrouwen in de instituties verliezen, als wel de werknemers van die instituties zelf. In het afgelopen jaar reisde ik door Nederland om in boekhandels en bibliotheken te spreken over alles wat zich aandiende, en ik keek op van de bezorgdheid waarmee mensen spraken over ontwikkelingen binnen de eigen beroepspraktijk. Dit was niet de onderbuik van Nederland, maar de lezende elite: de werknemers van de publieke sector, de professionals, de hogere ambtenaren, de leraren en hoogleraren - allemaal verenigd in het gevoel nergens meer een veilig hotel te kunnen vinden. Politieambtenaren uitten hun zorgen over de bedrijfscultuur bij politie, artsen spraken wanhopig over de efficiencycultuur van de ziekenhuizen. Er is, luidde de gedeelde conclusie, sprake van een `drift into failure´, een duidelijke verschuiving van marges van betrouwbaarheid, een merkbare tendens naar zorgeloosheid - en dat is grotendeels te wijten aan het feit dat organisaties een afweging moeten maken tussen het eigenbelang en de maatschappelijke verantwoordelijkheid. Het eigenbelang wint vrijwel altijd(...)
(Lees hier de volledige tekst...)

















C

Capabilities approach

De calculerende burger
`In de praktijk gelooft niemand meer dat het individu puur door eigenbelang wordt gedreven, schreef de organisatiekundige Elton Mayo al in 1945. Goede managers weten dat mensen geen solitair levende dieren zijn, maar groepsdieren, die belang hechten aan samenwerken en samenleven. Alleen theoretici en denkers houden koppig vast aan de rabble hypothesis, de gepeupelhypothese.´
(column de Volkskrant, zie verder mijn dissertatie)

Commentaar


D

Diversiteit


E

Engagement
Het engagement van een literaire auteur heeft weinig zin als zijn werk niet leidt tot engagement bij de lezers. De focus op de auteur is in dit opzicht nietszeggend. Het zou interessanter zijn te spreken over de geëngageerde lezer.

Epistemogeen: door de wetenschap veroorzaakt

Ekfrasis
Een ekfrasis (Grieks voor´beschrijving´) is een beschrijving van een bestaand of onbestaand - mogelijk verloren gegaan - kunstwerk. In het laatste geval schemert er wellicht het verlangen in door dat het werk alsnog zal worden gemaakt. Een beroemd voorbeeld is Botticelli´s schilderij De Geboorte van Venus, dat is gebaseerd op een ekfrasis uit de Renaissance, zelf weer gemodelleerd naar voorbeelden uit de Romeinse oudheid.

Mijn debuutroman, De zonen van het uitzicht, draait voor een groot deel om het ekfrastische karakter van kunst: de beschrijving van dat wat er niet is, in de hoop het zo alsnog tot stand te brengen.

Maxim Februari
© Iván Herrera (ivanherrera.net/en/)
Sindsdien zijn recht en moraal me gaan interesseren als vormen van fictie en ekfrasis: je beschrijft een wereld die er nog niet is. Met tips hoe die tot stand te brengen.

De dichter Lucianus schreef in de tweede eeuw een gedicht over het verloren gegane schilderij ´De Laster´ van de schilder Apelles; eeuwen later werd het werk opnieuw gemaakt door Botticelli, Rubens, Dürer en anderen



F

Fortuyn, Pim
Anders dan inmiddels alle journalisten, historici en wetenschappers beweren, wilde Pim Fortuyn indertijd niet artikel 1 van de Grondwet afschaffen.
Hij wilde artikel 137 van het Wetboek van Strafrecht afschaffen, zoals zoveel serieuze rechtsgeleerden in Nederland dat ook wilden. Journalisten van De Groene en de Volkskrant haalden echter de Grondwet en het Wetboek van Strafrecht door elkaar, een journalist plakte zelf de term ´artikel 1´ in het bericht, en ziedaar, een rel was geboren. Tegenwoordig behoort het tot de geschiedschrijving: ´Fortuyn wilde artikel 1 van de Grondwet afschaffen.´ Leuk verhaal. Maar het was niet zo.
(zie voor een uitgebreidere beschrijving een fragment uit column de Volkskrant, 16 februari 2002)


G

Gelijkheidsbeginsel
´Tussen gelijkheid en ongelijkheid bestaat niet veel verschil. Zo staat artikel 1 van de Grondwet bekend als een gelijkheidsbeginsel - en toch zijn er ook goede redenen het te beschouwen als een ongelijkheidsbeginsel. Het artikel gaat immers nadrukkelijk uit van verschillen tussen mensen en staat iedereen toe ongelijk, althans niet gelijk, aan elkaar te zijn zonder dat de overheid daaraan consequenties verbindt. Het Handboek van het Nederlandse Staatsrecht zegt over de bepaling: `Elke intentie van gelijkschakeling is haar vreemd. Zij bevestigt het recht om zich niet gelijk te gedragen en niet volgens gelijke patronen te leven en met anderen om te gaan.´
Nu kun je dit herdopen van een gelijkheidsbeginsel in een ongelijkheidsbeginsel gemakkelijk zien als een flauw woordspelletje; maar het is meer dan dat. De laatste jaren wordt in het debat nogal eens de verzuchting geslaakt dat artikel 1 van de Grondwet leidt tot gelijkheidsdwang. Vooral de mensen die zich door het ideaal van het artikel beknot voelen in de uitoefening van hun geloofsvrijheid klagen erover dat te grote nadruk op gelijkheid ten koste gaat van ieders vrijheid. Ze krijgen bijval van vooraanstaande rechtsgeleerden die artikel 1 al evenzeer verdenken van de plicht tot platmaken. `Is er niet ook iets waardevols aan onderscheid?´ vragen zulke juristen zich af. Jawel, en juist daarom is artikel 1 zo belangrijk. Of je het nu leuk vindt of niet, er bestaan in de werkelijkheid verschillen tussen mensen - en het ongelijkheidsbeginsel van de Grondwet beschermt die verschillen.
(M. Februari, ´Het ongelijkheidsbeginsel garandeert gelijke toegang tot grondrechten´, Christen Democratische Verkenningen, zomer 2011, pp. 171-176)

Grondwet


H

Hermeneutische cirkel

Heiligheid

Homoseksualiteit

Hollen of stilstaan
Alles draait altijd uit op hollen of stilstaan. Ik ben een groot voorstander van hollen en stilstaan tegelijkertijd. Orde en wanorde, ratio en onredelijkheid: niet als dichotomieën, maar als elkaar aanvullende capaciteiten.
`Als ik moet kiezen tussen hollen of stilstaan - tussen de koele heerschappij van het recht of de krampachtigheid en het snelle beledigd zijn van het samenleven - kies ik voor hollen en stilstaan tegelijk. Voor koel en verhit zijn op hetzelfde moment. Koel, consequent, onverzettelijk, mannelijk misschien, vasthouden aan de rechtsorde. Warm, begripvol, voorzichtig, vrouwelijk wellicht, elkaar mateloos blijven beledigen tijdens het samenleven. Hollen en stilstaan tegelijk - niet als poging het dilemma te omzeilen, maar als poging niet te veel en ook niet te weinig met elkaar te praten.´
(column in de Volkskrant)



I

Integriteit

Intellectueel


J

Jargon


K

Kwaad: de ethiek van het kwaad



Kunst


L

Legaliteitsbeginsel

Leiderschap

Literatuur


M

Menselijke waardigheid

Moraalelasticiteit
Ik pleit al lange tijd voor invoering van het begrip `moraalelasticiteit van de vraag´. In analogie met de `prijselasticiteit van de vraag´, die aangeeft hoe de vraag reageert op een prijsverandering, zou moraalelasticiteit kunnen aangeven hoe de vraag reageert op morele verbeteringen in de productie van goederen. Een verbetering op het punt van het milieu bijvoorbeeld, of op het punt van de mensenrechten. Koppel je deze moraalelasticiteit aan de prijselasticiteit, dan kun je precies nagaan hoeveel geld consumenten overhebben voor het welzijn van koeien of voor ecologisch verantwoorde koffie.

Modernisering



N

Normaliteit

het Numinale


O

Ongelijkheidsbeginsel: zie Gelijkheidsbeginsel

Onnozelheid: Hogere Onnozelheid


P

Prisoners´ Dilemma

Publieke zaak


Q

Quiddities



R

Recht
Het recht is een organisch wezen dat verandert zodra je het aanraakt, dat groeit als je het voedt, krimpt als je erin prikt, en dat in essentie nauwelijks te kennen is.

´Al lezend kom ik tegenwoordig om de haverklap de volgende vaststelling tegen in teksten. Ieder mens heeft het recht om stupide te zijn, maar sommige mensen misbruiken dat privilege. Dit lijkt me een verstandige inleiding op het rechtssysteem. Inderdaad heeft iedereen het volste recht om stom, benepen, onredelijk, verongelijkt en kinderachtig te zijn, maar sommige mensen maken van dat recht wel onevenredig veel gebruik.
Ik wil hier iets zeggen ter verdediging van het rechtssysteem. En van de ingewikkeldheid ervan. De laatste jaren is de grondwet in de mode gekomen, en het opeisen van grondrechten, en daaraan lijkt de algemene gedachte ten grondslag te liggen dat het recht een grabbelton is waaruit je naar believen een privilege opvist. Een privilege helemaal voor jou alleen. Je kiest een recht en je eist het op. Een kind kan de was doen.
Maar het recht is geen grabbelton. Het is een complex bouwwerk. Daar kun je niet zomaar stenen uit halen, geen draadjes lostrekken, geen conservenblikjes van onderop de stapel pakken, want dan gaat de boel schuiven en rollen en vallen er gaten.´
(Lees hier de volledige tekst...)


S

Standaardisering

Specialisering (wetenschappelijke specialisering)


T

Tweede Wereldoorlog

Troost

Tederheid


U

Universiteit


V

Veiligheid

Vitaliteit

Vertrouwen (zie Betrouwbaarheid)

Vooraf denken (zie Achteraf denken)


W

Wet

Wooff, Wooff (boek van Stefan Themerson)


Y

Yourcenar


Z



tekst © 1989-2017 Maxim Februari
Powered by Travel-n-Traffic
X
X